Spring naar content

Statushouders op weg naar een financieel gezond leven

“Veel problemen zijn te voorkomen met vroegtijdige financiële educatie”

15 december 2021

Mariska van Dijk is budgetcoach bij Base to Work, Tewelde Yared Fetere is participatietrainer bij deze organisatie. Zij stellen dat er echt werk gemaakt moet worden van het begeleiden van statushouders bij hun financiële huishouden. “We moeten eerder starten met financiële educatie en de begeleiding moet meer op maat want de diversiteit binnen deze groep is groot. Maar hiermee kunnen we wel veel problemen voorkomen.”

Er zijn wisselende ervaringen met hulp die gemeenten bieden aan statushouders, stelt Mariska van Dijk. “In alle gemeenten is er hulp, maar dat is niet overal even goed of eenduidig geregeld. Zo gaan veel gemeenten ervanuit dat een statushouder zelf wel aanklopt voor hulp. Terwijl dat zeker niet in alle situaties het geval is.” Zij pleit er daarom voor om hulp en communicatie meer af te stemmen op deze doelgroep.

Communicatie
De communicatie naar statushouders blijkt in veel gevallen beperkt of in ieder geval niet volledig. Zo meldt Tewelde Yared Fetere dat hij als statushouder geld kreeg, maar dat uitleg achterwege bleef. “Wij hadden geen idee wat we ervan moesten betalen. Ook was het niet duidelijk of het een lening of een gift was.” Mariska vertelt over gezinnen die twee jaar na dato een brief krijgen dat ze hun lening moesten terugbetalen. “Terwijl zij dachten dat het een gift was geweest. Dit soort informatie moet duidelijk aangegeven worden en is ook een punt van aandacht in de verdere financiële educatie.” De hoeveelheid post wordt ook genoemd als probleem. Tewelde: “Een brief is wel beter dan een e-mail, omdat het tastbaar
is. Maar je krijgt zoveel post! Als statushouder heb je daar echt hulp bij nodig. Gelukkig hielp vluchtelingenwerk ons daarmee, hun hulp is heel belangrijk voor statushouders.” Een waarschuwing van Mariska: “Een groep statushouders is niet digitaal vaardig genoeg, houd hier rekening mee.”

Relatie met geld
Mariska en Tewelde maken duidelijk dat in veel landen van herkomst er sprake is van een andere relatie tot geld. Het financiële systeem is in Nederland immers vaak totaal anders dan men gewend is. Tewelde illustreert: “In mijn thuisland bijvoorbeeld is het bedrag dat je van je werkgever krijgt helemaal voor jou, de belasting wordt namelijk betaald door je werkgever. Ook hoef je niet door te geven of je meer of minder bent gaan verdienen in verband met toelages. Hier in Nederland heb je een moeilijk systeem met instanties en regels, en er moet van alles digitaal. Ik vond dat overweldigend en ik weet dat veel andere statushouders dezelfde ervaring hebben.”

Mariska vat de complexiteit van het Nederlandse systeem kernachtig samen. “Je hebt bijna de hulp van de ene instantie nodig om de problemen met een andere instantie op te lossen.”

Eerder beginnen
Toen Tewelde in het AZC verbleef, kreeg hij alleen een taalcursus. Terwijl hij zoveel meer had kunnen en willen leren. “Normen en waarden, cultuur, iets over het geldsysteem, over hoe Nederland in elkaar steekt. Hiermee zouden we zoveel steviger in onze schoenen komen te staan.” Mariska is het er helemaal mee eens. “Het is een verspilling van tijd als er alleen
taallessen gegeven worden. Met meer kennisoverdracht en begeleiding in die periode kun je latere problemen voorkomen.”

Nieuwe regel
Per 2022 is wettelijk bepaald dat een statushouder het eerste half jaar ontzorgt wordt als het gaat om de financiële huishouding, om problemen te voorkomen. Mariska stelt dat sommige gemeenten dat nu ook al doen en vindt de verplichting een goede zet. “Maar,” waarschuwt zij, “dan moet je in die zes maanden wel aan de slag met financiële educatie. Anders stel je de problemen alleen maar een half jaar uit. Sommige gemeenten denken verder dan die zes maanden, maar zeker niet allemaal.” Heereveen doet al sinds 2017 aan financiële ontzorging en de ervaring leert dat een half jaar zelden afdoende is om zelfredzaam te zijn.

Financiële inburgering
Welke organisatie moet de ‘financiele inburgering’ op zich nemen? Mariska stelt dat de gemeente altijd de regie heeft. “Ze kunnen het zelf doen of uitbesteden naar vrijwilligers of andere partijen. Tewelde ziet daarnaast een belangrijke rol voor sleutelfiguren zoals hij. “Niet om zaken op te lossen, maar om te helpen dingen zelf op te leren pakken. Door onze
taal- en cultuurkennis kunnen wij het proces soepeler laten verlopen, zodat nieuwkomers niet tegen zoveel muren op hoeven te lopen als wij deden.” Wederzijds respect, dat is volgens Mariska het sleutelwoord. “En werken in een groep, zodat mensen zich aan elkaar op kunnen trekken. Zeker als er ook een sleutelpersoon bij betrokken is.”

Maatwerk
Ook voor deze doelgroep is maatwerk het devies. Natuurlijk zijn er gedeelde noemers, maar statushouders komen uit heel veel verschillende landen, met verschillende financiële systemen en culturen. Mariska: “Het is niet één doelgroep. Onderzoek waar iemand vandaan komt, wat hij kan en wat er nodig is. En start dan ook snel, want er is veel te winnen aan de kant van preventie. En soms zijn er trauma’s en is het te vroeg om met financiële educatie te starten. Bekijk het dus altijd per individu.” Tewelde vult aan: “Weet dat de groep die het helemaal zelf kan klein is, omdat het verschil met het thuisland in veel gevallen heel groot is.”

Gerelateerde artikelen

E-learning: Cultuursensitief handelen

De Alliantie Vrijwillige Schuldhulp heeft een e-learning module ontwikkeld waarmee handvatten worden aangereikt die hulpverleners ondersteuning bieden bij cultuursensitief handelen....

Handreiking financieel ontzorgen en financiële zelfredzaamheid

Deze handreiking van Divosa richt zich op het financieel ontzorgen van bijstandsgerechtigde statushouders. Daarnaast wordt ook ingegaan op het bevorderen...

Financieel kwetsbare groepen

Welke mensen hebben meer kans om in de financiële problemen te komen? Hoe groot zijn die groepen, en wat maakt hen financieel kwetsbaar?