Aanpak van stigma’s bij bijstandsgerechtigden in gemeentelijk beleid
Onderzoeker Amber Vellinga-Dings van de Rijksuniversiteit Groningen beschrijft in een artikel op dewebsite van Sociale Vraagstukken hoe maatschappelijke stigma’s bijstandsgerechtigden schaden. Aanleiding is haar wetenschappelijke onderzoek naar de leefwereld van inwoners met een uitkering en de invoering van de herziene Participatiewet. Het artikel vraagt aandacht voor de impact van negatieve stempels op het zelfbeeld van inwoners. Ook laat het zien hoe beleid gericht op zelfredzaamheid deze stigma’s onbedoeld versterkt.
De belangrijkste conclusies uit het artikel:
- stempels en vooroordelen leiden bij inwoners tot schaamte, stress en verlies van eigenwaarde;
- inwoners nemen maatschappelijke oordelen na verloop van tijd over als een innerlijke overtuiging;
- het erkennen en waarderen van de rollen die iemand vervult, zoals mantelzorg en opvoeding, herstelt het zelfbeeld van inwoners;
- de herziene Participatiewet geeft ruimte om de ’tegenprestatie’ te vervangen door maatschappelijke participatie.
Wat kun je ermee in de praktijk?
Dit artikel biedt onderbouwing en inspiratie voor gemeenten om stigmatisering in de uitvoering te voorkomen. Werkcoaches en sociaal werkers kunnen tijdens intakes en keukentafelgesprekken expliciet stilstaan bij de betekenisvolle rollen die een inwoner vervult, zoals mantelzorger, ouder of vrijwilliger. Door deze inzet te benoemen en te waarderen, helpen professionals inwoners om een positief zelfbeeld te behouden. Dit maakt maatschappelijke participatie laagdrempeliger.
Voor wie is het relevant?
Deze publicatie is zowel relevant voor beleid als uitvoering binnen de domeinen werk en inkomen, en armoede en schulden. Het biedt concrete inzichten en aanknopingspunten voor de dagelijkse maatschappelijke begeleiding van inwoners in een kwetsbare positie.