Spring naar content

Sociale zekerheid en flexibele arbeidsmarkt

Sociale vangnetten voor werkenden met een flexibel arbeidsverband: de huidige balans

4 december 2020

In dit onderzoek van de algemene rekenkamer wordt dieper ingegaan op de mate waarin mensen met flexibel werk op eigen kracht inkomensverlies kunnen opvangen. Hierbij wordt gekeken naar de verschillen tussen groepen mensen met flexibel werk.

Eén van de voornaamste conclusies uit dit onderzoek is dat ongeveer 90% van de zelfstandigen in Nederland voldoende buffers heeft om tijdelijk inkomensverlies te kunnen opvangen. Deze buffers bestaan uit eigen vermogen of uit een partner met voldoende inkomen om hen te ondersteunen. 

Eén op de 10 zelfstandigen in Nederland heeft niet voldoende buffers om inkomensverlies op te vangen. Hierdoor kan inkomensverlies voor deze personen direct leiden tot een bijstandsaanvraag. 

Flexibele werknemers
Werknemers met een flexibel contract zijn via hun werkgever verplicht verzekerd tegen inkomensverlies. Mochten zij werkloos worden, dan betekent dit niet dat zij automatisch een uitkering ontvangen. Om in aanmerking te komen voor een uitkering moeten zij namelijk voldoende gewerkt hebben in de periode voordat zij werkloos werden. Aangezien werknemers met een flexibel contract vaak korte periodes van werk afwisselen met werkloosheid is dit voor hen een lastige voorwaarde. 

Ook wordt in dit rapport vastgesteld dat werknemers met een flexibel contract vaker geen vermogen of inkomen van hun partner kunnen gebruiken om inkomensverlies op te vangen. Hieruit kan worden geconcludeerd dat werknemers met een flexibel contract vaker afhankelijk zijn van de bijstand dan werknemers met een vast contract. 

Niet alleen jongere werknemers met een flexibel contract zijn eerder afhankelijk van de bijstand bij inkomensverlies. Ook werknemers tussen de 35 en 65 jaar die sterk afhankelijk zijn van de inkomsten van flexwerk hebben vaak niet voldoende buffers opgebouwd om inkomensverlies te kunnen opvangen. 

Mensen die langere tijd als uitzendkracht werkzaam zijn hebben een extra hoog risico op het niet kunnen opvangen van inkomensverlies. In verhouding met andere werkenden heeft deze groep minder buffers: één op de drie uitzendkrachten heeft namelijk niet voldoende buffers om inkomensverlies op te vangen. Daarnaast zijn zij, wanneer zij onvoldoende arbeidsverleden hebben opgebouwd, eerder afhankelijk van de bijstand. 

De voornaamste kenmerken van flexwerkers die geen buffers hebben en afhankelijk zijn van de bijstand bij inkomensverlies zijn: 
• degenen die regelmatig werk met geen werk afwisselen;
• zeer lage inkomens hebben;
• een niet-westerse migratie-achtergrond hebben;
• laagopgeleid zijn.


Welke invloed heeft de flexibilisering van werk op de houdbaarheid van sociale zekerheid?
Uit de conclusies van dit onderzoek volgt dat de flexibilisering van werk niet of nauwelijks zorgt voor extra werkgelegenheid. In plaats daarvan vervangt flexibel werk over het algemeen vast werk. Ook is vastgesteld dat werknemers met een flexibel contract én uitzicht op een vaste aanstelling meer leren op het werk dan collega’s die al in het bezit zijn van een vast contract. Dit zorgt ervoor dat hun productiviteit én hun kansen op een beter betaalde baan toenemen. 

Voor flexwerkers zonder uitzicht op een vaste aanstelling is dit niet het geval. Zij krijgen minder scholing en leren minder op het werk. Hun productiviteit groeit minder hard, waardoor de kansen op een beter betaalde baan ook worden beperkt. 

Tot slot zorgt de flexibilisering van werk voor een verschuiving in de financiering van vangnetten voor inkomensverlies: van premiegefinancierde uitkeringen, zoals werkloosheidsuitkeringen, naar financiering via de algemene belastingmiddelen, zoals bijstandsuitkeringen. Een verschuiving die in 2020 is versterkt door de noodmaatregelen die het kabinet getroffen heeft om inkomensverlies ten gevolge van de coronacrisis te compenseren.
 

Gerelateerde artikelen

Stresstest huishoudens

Het CPB en de AFM hebben een onderzoek uitgevoerd naar de mate waarin Nederlandse huishoudens financiële schokken kunnen opvangen. Het onderzoek richt zich op de vraag of huishoudens in staat…